han ten broekevvd tweede kamerlid



  • home
  • nieuwsoverzicht
  • debat gemist
  • zoeken
  • contact




Europese top

02-11-2010 | Tweede Kamer, plenair debat
Tweede Kamer - Debatten             

Inbreng Han ten Broeke tijdens het debat over de Europese top.


Klik hier om het volledige verslag te lezen.

De heer Ten Broeke (VVD):

Voorzitter. De premier heeft zijn debuut op het Europese toneel gemaakt. Daarmee is hij de eerste liberale Nederlandse premier sinds het ontstaan van de Europese Unie. De Unie is in wezen zelf een liberaal project. Althans, zij moet dat naar de mening van mijn fractie weer worden. Ik denk aan de voltooiing van de interne markt, die gelukkig weer met ferme hand wordt aangevat.

Men zal mij vergeven dat zich aan mijn geestesoog even het beeld voltrekt van het jongetje dat ergens op het Haagse Noordstrand speelt, met die twaalf schelpen. Dat beeld is misschien bekend. Verderop zie je ineens hoe hij tussen de groten der aarde of in ieder geval tussen de groten van Europa rondloopt. Het kan dan ook niet lang duren of een oud-werkgever van de heer Rutte zal ongetwijfeld met een commercial op televisie komen: pindakaas, wie is er geen premier mee geworden?

De opdracht van mijn fractie is niet minder dan om de komende jaren een stevige bijdrage te leveren aan de terugkeer van de broodnodige geloofwaardigheid en legitimiteit, zodat Europa succesvol wordt in plaats van irrelevant. Het Europees Parlement draagt aan het laatste bij door eerst de eigen begroting fors op te plussen, omdat er wat taken bij waren gekomen, en vervolgens doodleuk ook nog eens de begroting van de hele Europese Unie met ruim 6% te verhogen, terwijl deze Unie zelf aan de lidstaten megabezuinigingen voorschrijft.

Ik heb dezer dagen vaak gerefereerd aan een Amerikaanse hoge rechter, die op bezoek in Nederland aan een Leidse hoogleraar vroeg hoe het toch kwam dat hij bij elk bezoek aan Europa moest vaststellen dat het Europees Parlement er weer bevoegdheden bij had gekregen, maar dat zijn legitimiteit weer verder was afgenomen. Stelde het EP zichzelf maar eens die vraag naar geloofwaardigheid en legitimiteit in plaats van nieuwe bevoegdheden altijd weer in nieuw geld te vertalen. Dit is ook een beetje de uiteenzetting tussen de heer Schouw en mijzelf, of zo men wil tussen D66 en de VVD. D66 zegt: meer taken, meer poen. Wij zeggen: meer taken, ga eens wat meer doen, of ga het in ieder geval succesvoller doen.

De heer Bontes (PVV):

U gaf een kritisch geluid over het Europees Parlement. Hebt u of heeft uw fractie bezwaar gemaakt tegen het Verdrag van Lissabon, waarin al deze bevoegdheden van het Europees Parlement werden opgetekend?

De heer Ten Broeke (VVD):

We hebben heel veel bezwaren naar voren gebracht. Een van deze bezwaren had te maken met het Eigenmiddelenbesluit. We vonden dat de lidstaten daarover moeten gaan. Gelukkig is dat ook zo gebleven. Over nieuwe bevoegdheden voor het Europees Parlement om te kunnen meebeslissen over het Europees budget hebben wij gezegd dat deze goed kunnen zijn, want dan kan het Europees Parlement ten minste laten zien dat het verantwoordelijkheid kan nemen voor al die mensen voor wie zij in dat parlement gekozen zeggen te zijn. We moeten helaas constateren dat zij voorlopig nog niet met die verantwoordelijkheden om weten te gaan zoals ik zou wensen dat zij dat zouden doen.

De heer Schouw (D66):

Mijnheer de voorzitter. De heer Ten Broeke doet een manmoedige poging om de politieke positionering tussen de VVD en D66 te duiden, maar slaat daarmee de plank natuurlijk weer volledig mis. Het gaat erom dat wij een zakelijke discussie voeren over Europa. Als er meer taken zijn, moet je of het budget hervormen of er moet meer geld bij. De VVD voert die discussie vanuit de emotie en wij voeren deze gewoon zakelijk. Als de VVD echt een partij zou zijn, zou zij nu een motie indienen dat dit kabinet alsnog terug moet naar nulgroei, want dan maakt de heer Ten Broeke zijn woorden waar. Als hij dat niet doet, is hij echt bezig met emotionele politiek en dat verdient Europa niet.

De heer Ten Broeke (VVD):

Over die nulgroei kom ik zo nog te spreken. Een zakelijk debat voeren wij graag. Als u mij uitdaagt voor een zakelijk debat, zou ik zeggen tegen D66: eindelijk. Want wie kwamen vorig jaar, toen wij een zakelijk debat wilden voeren over de Europese begroting, met een tegenbegroting? Dat waren wij. Daarin hadden wij argumenten voor andere uitgavenposten die in onze ogen geloofwaardiger zijn en die bijdragen aan de legitimiteit van een goed Europees verhaal. En waar was D66? D66 zegt dan alleen maar "ja" tegen meer uitgaven en meer taken. Wanneer zegt u nu eens op zakelijke gronden "nee"? Ik zal straks nog spreken over waar het Europees Parlement zijn prioriteiten heeft gelegd. Ik ben benieuwd of u uw enthousiasme dan nog steeds kunt bewaren.

De heer Schouw (D66):

Er zit een patroon in de opmerkingen van de heer Ten Broeke. Ze zijn een beetje klein. Ik herinner hem eraan dat de D66-fractie de vorige keer met drie personen het hele beleidsterrein moest bestrijken. Het zou de heer Ten Broeke sieren als hij dat ook een beetje mee zou wegen, als hij dit type opmerkingen maakt.

De heer Ten Broeke (VVD):

Ik ben altijd bereid om rekening te houden met de omvang van een fractie. Daar hebt u volkomen gelijk in, maar u hebt zelf nogal grote pretenties als het gaat om het Europese verhaal. Het minste wat u dan zou kunnen doen, is zakelijk kijken naar het verhaal dat wij kant-en-klaar hebben aangeboden. Ik zal het u na afloop van dit debat doen toekomen. Wie weet, kunnen wij elkaar dan nog eens de hand reiken als er een nieuwe Staat van de Unie komt, want dat verhaal is nog steeds even urgent.

Bij zijn debuut moest de premier eventueel akkoord gaan met een halve verhoging van het EU-budget voor 2011, namelijk 2,9%. Laat duidelijk zijn dat mijn fractie op 0% had gehoopt; sterker nog, de VVD vindt zelfs dat het met minder uiteindelijk beter en geloofwaardiger zou kunnen. Maar binnen de Raad was er al een deal over deze beperkte stijging voordat de heer Rutte premier werd en dus hebben hij en de Britse premier Cameron, die zich ook voor de nullijn uitsprak, dit moeten accepteren. Als zij dat niet hadden gedaan, dreigden zij ook hier overstemd te raken. En belangrijker: dan zou de Raad verdeeld zijn geweest jegens het Europees Parlement, dat van ons inderdaad het medebeslissingsrecht over het EU-budget heeft gekregen. Nu is het tenminste duidelijk: 2,9% en geen eurocent erbij. Zo staan in ieder geval twaalf regeringsleiders, die nagenoeg een unanimiteit vertegenwoordigen, met hun handtekening garant voor die inzet. Of niet? Dat laatste vraag ik bij dezen aan de premier. Mochten de onderhandelingen met het Europees Parlement tot niets leiden, dan is er voor de VVD ook niets aan de hand, want dan geldt immers de begroting voor 2010 en die zit onder de nullijn.

De VVD heeft er enig begrip voor dat Nederland zijn kruit nog wat droog hield bij deze budgetbesprekingen voor 2011, die immers de inleidende beschietingen vormen voor de "all-out war" die te verwachten is voor de financiële perspectieven voor volgend jaar. Dáár, in 2012, valt immers voor Nederland de grootste winst te behalen: een eerlijke begroting, waarin de afdrachten solidair en de uitgaven hervormd, modern en geloofwaardig zijn. Wij verwachten dat het kabinet nu al aangeeft dat Nederland dáár, zo nodig, bereid is zijn veto te gebruiken.

Om die reden heb ik ook nog maar eens gekeken naar de prioriteiten en de posterioriteiten die het Europees Parlement zelf meende te moeten aanbrengen in het Europese budget. Houdt u zich even vast aan uw stoel, en huiver over hoe de meerderheid van onze Europese collega's meent de Europese toekomst zeker te moeten stellen. Geld wordt weggehaald bij posten als: concurrentie, groei en werkgelegenheid; het gemeenschappelijk veiligheids- en buitenlands beleid; ITER 2011, dat gaat over kernfusie. Ik vertaal het verder even: geld wordt weggehaald bij in de wereld meedoen, in de wereld meespreken en in de wereld onafhankelijk blijven. Geld wordt toegevoegd aan de financiering van permanente educatie, innovatie en intelligente energie, de strategie -- u weet wel -- van de Oostzee, het herstel van de financiering voor landbouw, jongeren, sport en -- ja hoor -- zelfs aan programma's ter bestrijding van huiselijk geweld en andere zaken waar Europa volstrekt niet over gaat. En natuurlijk moest nog 100 mln. worden toegevoegd aan de hulpprogramma's voor Palestina, die immers nog maar 200 mln. per jaar ontvangen.

Enkele vragen dus voor deze regering. Kan zij ons garanderen dat 2,91% werkelijk 2,91% is? Kan zij zich ervoor inspannen dat de zogeheten "marges" die in het kader van de zogenaamde flexibiliteit onder de verplichtingen vallen, niet zullen leiden tot een verdere ophoging van het EU-budget? Voor deze laatste vraag kijk ik met name de staatssecretaris aan. Ik vertaal het even: wanneer, zoals in dit jaar, minder geld wordt uitgegeven om te interveniëren omdat de melkprijzen een beetje meevielen, kunt u dan garanderen dat dit geld niet aan EU-voedselbanken wordt uitgegeven, maar teruggaat naar de lidstaten? Kunt u garanderen dat rechtstreekse vormen van eigen middelen, EU-taksen, zullen worden tegengehouden, en dat de rol van het EP wordt beperkt tot datgene wat in het verdrag is genoemd, namelijk een consultje en meer niet? Kunt u ons vóór de Staat van de Unie aangeven welke prioriteiten naar uw mening moeten worden aangebracht in de meerjarenperspectieven voor 2013-2020? En zou u willen ingaan op een oude VVD-wens: nu eens eindelijk een echte bijdrage leveren aan het Europese agentschap Frontex voor de bewaking van de Europese zuidgrenzen? Daarmee heb ik het over het op humanitaire wijze beheersen van migrantenstromen, de bestrijding van milieudelicten en andere vormen van zeecriminaliteit. Het schijnt dat minister Leers Griekenland nu te hulp wil schieten bij de bewaking van de oostgrenzen, maar de nood voor hulp voor zowel de oostgrenzen als de zuidgrenzen is bij veel Europese landen enorm. Hier liggen ook precies de landen die geen verlaging, maar ook geen hervorming van het EU-budget wensen. Voor uw informatie: op dit moment doet Nederland in Frontex mee met maar liefst elf marechaussees, één tijdelijk, voor twee maanden, kustbewakingsvliegtuig en een rubberboot; Nederland praat al vijf jaar over een fregat.

De heer Schouw (D66):

Voorzitter. Ik heb wat moeite om de politieke positie van de VVD-fractie te duiden. Het kabinet wordt namelijk opgeroepen om van het vetorecht gebruik te maken. Vervolgens komt er een grabbelton aan allerlei geklaag; waarschijnlijk een inventarisatie van het gedoe van de afgelopen jaren in de VVD-fractie.

Het is mij helemaal niet duidelijk op welke drie of vier voor de VVD-fractie essentiële punten dit kabinet gebruik zou moeten maken van het vetorecht, als het die punten niet binnenhaalt. Als de heer Ten Broeke bij die enorme grabbelton blijft, dan is er altijd wel wat cherry picking voor dit kabinet. Wat is hierin nu exact de politieke positie van de VVD-fractie?

De heer Ten Broeke (VVD):

Waar wij dit kabinet op afrekenen, staat voor een deel in het regeerakkoord. Eigenlijk hebben we een heel simpele lakmoesproef. Het kabinet kan wat mij betreft akkoord gaan met alles wat Europeanen en dus ook Nederlanders welvarender, vrijer en veiliger maakt. Dat staat ook zo in het regeerakkoord. Dat vind ik een prima toets. Er staat heel veel op het lijstje dat ik zo-even heb opgenoemd dat kennelijk wel door het Europees Parlement wordt omarmd, maar niet door de VVD-fractie. Ik ben benieuwd wat de fractie van D66 straks zal doen. Van de zaken op het lijstje dat ik zo-even noemde, vinden wij bijvoorbeeld dat er meer gedaan moet worden ten aanzien van de buitengrenzen. In het verleden vond ik de fractie van D66 daarin aan mijn zijde. Extra landbouwmiddelen die niet zijn uitgegeven, moeten naar onze mening worden teruggegeven aan de lidstaten. In het verleden vond ik daarin de D66-fractie aan mijn zijde. Wat de 2,91% verhoging betreft, hadden wij graag gezien dat het nul was geweest. Nu dat niet het geval is, moet het hier in ieder geval bij blijven. Als het aan de fractie van D66 had gelegen, was het 6% geworden. Dat is een verschil. Laat dat maar zo zijn.

De heer Schouw (D66):

Ik wil op twee specifieke punten even de nieren proeven. Stel dat de begroting in 2012 weer boven de 2,9% uitkomt, gaat de VVD-fractie dat dan blokkeren door middel van een oproep? En vraag twee is: als er binnen de Europese Commissie gestudeerd zou worden op een fiscaal systeem waardoor Europa de eigen inkomsten kan vergroten, gaat de VVD-fractie daar dan ook voor liggen? Kan de heer Ten Broeke even de positie van zijn fractie duiden op die twee punten?

De heer Ten Broeke (VVD):

Het Europees budget, dat moge duidelijk zijn, moet opnieuw worden vastgesteld. Dat is het doel van die meerjarenperspectieven. Op dit moment valt moeilijk aan te geven hoe hoog het zal zijn, maar het is evident dat wij vinden dat het zeker niet omhoog moet. Sterker nog, het kan omlaag. We hebben vorig jaar al aangegeven hoe wij denken dat het omlaag kan. We hebben ook aangegeven waar wij denken dat het aan besteed moet worden. Dat lijkt mij ook wel eens verstandig. Bij de vorige meerjarenperspectieven probeerde een aantal nettobetalers om een soort nettobegrenzer in te stellen. Die werd toen op 1% van het bnp gezet. Het zou prima zijn als die begrenzer er weer kwam. Dan heeft de heer Rutte ook direct het door hem zo gewenste bedraag van 1 mld. binnen, of zelfs nog een beetje meer. Dat zou een mooie insteek zijn. Er zijn ook andere benaderingen denkbaar. We zullen kijken waar het kabinet mee komt, maar één ding staat buiten kijf: het moet vooral niet heel veel omhoog gaan, want dat is helemaal niet nodig.

De heer Braakhuis (GroenLinks):

Voorzitter. Kan de heer Ten Broeke mij vertellen of er in het regeerakkoord rekening is gehouden met een verhoging van 2,9%?

De heer Ten Broeke (VVD):

Het regeerakkoord gaat over de komende vierenhalf jaar als ik het goed heb begrepen. In het regeerakkoord staat dat wij een substantiële verlaging wensen van de Nederlandse afdracht. Ik denk ook dat die verlaging er in zit. Ik verwijs naar de commentaren van de Poolse Commissaris die verantwoordelijk is voor de begroting. Het ziet ernaar uit dat dit wellicht zou kunnen lukken, maar wij bekijken -- en daar roept deze regering ons voortdurend toe op -- eerst de daden van deze regering. Dus substantieel moet wat ons betreft echt substantieel zijn. We zullen zien waar het kabinet volgend jaar rond deze tijd op inzet en waar het ergens in januari 2012 mee thuis komt.

De heer Braakhuis (GroenLinks):

2,9% omhoog is een verhoging en geen verlaging. Dan had de heer Schouw toch eigenlijk wel een punt toen hij u vroeg waarom u geen motie indient om de regering op te roepen, zich hard te maken voor een daadwerkelijke verlaging en om ten minste naar de nullijn te gaan?

De heer Ten Broeke (VVD):

Nee, dat had de heer Schouw niet, want dan hadden wij dat in een van de vorige overleggen al moeten doen. Toen hebben wij met ons allen moeten vaststellen dat de inzet al gekozen was. De inzet was namelijk heel simpel en is niet door de heer Rutte of dit kabinet bedacht, maar nog door het staartje van het vorige kabinet. Toen is er al in de ministerraad overeenstemming bereikt om in ieder geval niet meer dan een halvering toe te staan. Ik vind het allemaal mooi en aardig, maar op het moment dat je je daartegen verzet, moet je wel even de consequenties overzien. Ik denk dat te billijken is wat nu is gebeurd, gegeven het feit dat volgend jaar de echte wedstrijd gaat plaatsvinden, maar wij hadden evident graag minder gezien. Ik denk dat deze regering ook graag minder had gezien.

Ik denk dat al die andere elf die een brief hebben gestuurd aan de heer Van Rompuy en aan de heer Barroso graag minder hadden gezien, maar dit is wat er op dit moment voorligt. Daar kunnen wij mee leven.

De heer Braakhuis (GroenLinks):

Dus daarmee heeft dit kabinet mogelijk zijn eerste tegenvaller binnen, in ieder geval voor 2011?

De heer Ten Broeke (VVD):

Volgens mij niet, maar wij zullen het straks zien, op het moment dat wij alle begrotingen ontvangen en dat ook de doorrekeningen moeten worden gedaan. Net zo min als ik nu al reken op de eerste meevaller als de Poolse commissaris al in een persconferentie aangeeft dat hij ook van mening is het Nederlandse miljard moet worden gehandhaafd.

De heer Bontes (PVV):

De heer Ten Broeke gaf aan tegen de verhoging van het budget te zijn voor 2011 en dat het geld verkeerd wordt ingezet. Dat is eigenlijk de kern van zijn boodschap. Hij vindt mij volledig aan zijn kant wat dit betreft. Kan hij mij uitleggen waarom zijn fractie in het Europees Parlement - dat geldt ook voor de SP - nu juist voor die begrotingsverhoging heeft gestemd?

De heer Ten Broeke (VVD):

Waarom dat voor de SP-fractie geldt, kan ik u niet uitleggen, wel voor de VVD-fractie, hoewel ik daarvoor vanzelfsprekend niet verantwoordelijk ben. Wij hebben tegen al die amendementen gestemd waarover ik het net had, dus al die rare verhogingen en die verkeerde verminderingen, zal ik maar zeggen. Maar het is inderdaad zo dat onze fractie in het Europees Parlement met het budget als zodanig akkoord is gegaan, wederom onder dezelfde redengeving, namelijk dat men van mening is dat volgend jaar de echte wedstrijd wordt gespeeld en dat daar in ieder geval de resultaten moeten worden behaald. Wij moeten ons wel realiseren dat deze verhoging van het Europees budget nog altijd valt binnen de cap die daarop is aangebracht. Wij zijn daar niet voor, maar het heeft moeten plaatsvinden en ik kan het billijken.

De heer Bontes (PVV):

Het is dezelfde fractie waar u in zit als de heer Schouw. Ik dacht even: zijn dat nu de effecten van die grote ALDE-fractie die dit soort dingen oplegt?

De heer Ten Broeke (VVD):

Ik denk dat het verschil tussen de inzet van de mensen met dezelfde politieke kleur als de heer Schouw veel groter is, omdat zij inderdaad niet alleen deze verhoging wensten. Als het aan hen had gelegen, was het bij wijze van spreken nog veel hoger geworden. Zij hebben zelfs aangegeven dat wij hiermee nog redelijk tevreden moeten zijn. Jazeker, een rapporteur van het Europees Parlement heeft aangegeven: u moet hier nog tevreden mee zijn, want wij hebben ons nog bescheiden opgesteld. Dat vinden wij dus niet. Wij vinden dat het zeer onbescheiden is om je eigen budget met 6% te verhogen op het moment dat er in Europa een begrotingsvermindering van nagenoeg 15% wordt nagestreefd. Dat vind ik nogal wat. Dat vind ik ook niet uit te leggen aan de kiezers. Daarom is het goed dat dit kabinet zijn poot stijf heeft gehouden, samen met andere regeringen, en in elk geval naar het Europees Parlement duidelijk heeft gemaakt: vrienden, 6% gaat echt niet, dat zult u minimaal moeten halveren.

De voorzitter:

Het woord is aan mevrouw Wiegman. De heer Schouw heb ik in dit blokje al gehad, dus hem zou ik willen vragen om even netjes te gaan zitten, want anders blijven wij aan de gang.

Mevrouw Wiegman-van Meppelen Scheppink (ChristenUnie):

De heer Ten Broeke haalt woorden aan van de Poolse Eurocommissaris.

De heer Ten Broeke (VVD):

Ja, Lebanovski wilde ik zeggen, maar hij heet anders. U moet mij even helpen.

Mevrouw Wiegman-van Meppelen Scheppink (ChristenUnie):

Ik was zijn naam ook even kwijt, maar laten wij het gewoon hebben over de Poolse eurocommissaris. Inderdaad heeft hij gezegd dat die afdracht best eens naar beneden zou kunnen gaan, maar volgens mij zei hij in één zin door: en tegelijk moet de Europese Unie op zoek gaan naar eigen middelen. Dan denk ik meteen: Europese belastingen. Is dat ook wat de VVD-fractie voorstaat?

De heer Ten Broeke (VVD):

Nee.

Mevrouw Wiegman-van Meppelen Scheppink (ChristenUnie):

Hoe legt de VVD-fractie dat dan aan de kiezers uit?

De heer Ten Broeke (VVD):

Heel simpel: dat gaan wij niet uitleggen. Wij gaan ook voorkomen -- althans, dit kabinet gaat naar ik hoop voorkomen -- dat het überhaupt tot deze onzalige ideeën komt. Ik heb wel eens eerder gezegd: de laatste keer dat Europa heeft geprobeerd om in Nederland een Europese belasting in te voeren, leidde dat tot 80 jaar oorlog. Dat moesten wij maar niet nog een keer doen.

Dan die andere financiële aardappel, het permanent kiezersmechanisme, de deal van Deauville. Het gaat hier om een enorme reddingsboei van wel 110 mld. Die hebben wij begin dit jaar ergens in de Egeïsche Zee laten plonzen met vervolgens daarachteraan nog eens een reddingsvlot van zo'n 750 mld. in de Middellandse Zee. Dat hebben wij allemaal gedaan om de ondergang van Griekenland en vooral de euro, de waarde van onze pensioenen en een hele hoop Nederlandse banken te voorkomen.

Vervolgens kreeg Herman van Rompuy de opdracht om een stabiliteitspact opnieuw in de steigers te zetten. Daarbij ging het om Van Rompuy-I. Nu komt er een Van Rompuy-II, die ervoor moet zorgen dat dit reddingsvlot ook na 2013 blijft drijven. De VVD-fractie herhaalt hier nogmaals dat wij de oorspronkelijke plannen van Van Rompuy-I prima vonden. De voorstellen van de Commissie vonden wij zelfs nog beter, maar zij verdwenen helaas van tafel. Goed beschouwd ging het bij Van Rompuy-I om de wijziging van secundaire wetgeving en helemaal niet om een verdragswijziging, maar om relatief eenvoudige aanpassingen van een stabiliteitspact. Bij Van Rompuy-II zou het nu wel eens kunnen gaan om een aanpassing van het verdrag.

Ik wijs wat dat betreft op twee artikelen. Het eerste is artikel 122 over natural disasters die een aanleiding zouden kunnen zijn om het verdrag op te rekken, bijvoorbeeld vanwege een bankencrisis, zeg ik ook tegen de heer Van Bommel. Daarnaast is er de zogenaamde no bail outclausule in artikel 125. Niemand wil aan artikel 125 komen. Dat lijkt mij verstandig, maar wat er gebeurt er straks wel? De Financial Times schrijft: "Leave the no bail-out untouched… ruling out major amendments while not giving a credit guarantee." Ook de Frankfurter Allgemeine Zeitung interpreteert dit op die manier. Betekent dat nu dat ernaar wordt gestreefd de zogenaamde moral hazard te blijven voorkomen? Dat wordt in ieder geval gesuggereerd. Die was er ook om het no bail-out principe te bestrijden. De vraag is of dat principe voor de financiële markten ondertussen niet een beetje een dode letter is geworden. Graag de visie van het kabinet daarover. Kan de regering nog eens uitleggen waarom Van Rompuy I niet gewoon is gevolgd? Was het alleen de Duitse angst voor het constitutionele hof in Karlsruhe? Het Verdrag van Lissabon kent immers ook een procedure voor een minimale verdragswijziging, een zogenaamde versnelde lichte procedure, geen igc, alleen een Raadsbesluit, geen Europees Parlement, geen ratificatie, maar wel het inlichten van het parlement. Waar gaat de regering voor?

Wat ons betreft moeten de Duitse angsten zeer serieus worden genomen. Geen van ons, noch de Duitsers, noch de Nederlanders wil de pay master worden van een falende munt en een ongeloofwaardige Unie. Wie de regeringsverklaring van bondskanselier Merkel van mei jongstleden, toen het reddingsvlot net werd uitgezet, nog eens naleest, ziet dat zij haar Bondsdag precies vertelt waarom en hoezeer het haar ernst is. Wij wensen dat deze regering dat ook doet, bij elke stap, bij alle conditionaliteiten. Wij zullen de regering daar niet alleen actief op volgen, wij zullen ook actief meesuggereren. Het is onze rol om de Duitsers bij de les te houden. Dat hebben wij gedaan toen het ging om de betrokkenheid van het IMF. De vorige premier was daar zeer actief in en speelde daarin een cruciale rol. Mijn vraag aan de nieuwe premier is of in de voorstellen van Van Rompuy II de nieuwe rol van het IMF daadwerkelijk is gewaarborgd. Ik las vanochtend dat hij daarover een opmerking heeft gemaakt. Ik hoor daar graag meer over. Wat ons betreft sturen wij geen reddingsbrigade van de Europese Unie uit die immers hooguit diploma A op zak heeft.

Het fundamentele probleem dat zich voordoet in onze muntunie is dat er geen consensus bestaat over hoe de aanpassingslasten moeten worden verdeeld, wie de aanwijzingen ervoor geeft en wanneer die moeten worden opgevolgd. Anderen hebben daar ook over gesproken.

De heer Van Bommel (SP):

In het verleden was de VVD een stuk duidelijker. Toen het ging om het redden van Griekenland zei de VVD heel duidelijk: wij willen geen Europees monetair fonds, wij willen geen Europese reddingsboei. Ik gebruik de term van de heer Ten Broeke even. Het ging de VVD om de route van het IMF. Ik citeer VVD-collega Weekers in maart van dit jaar. Het ging toen over Griekenland: "Het IMF is het loket als de kapitaalmarkt niet thuisgeeft. Het is niet alleen onzinnig, maar ook ronduit gevaarlijk daar een Europees loket naast te zetten." Dat is wel wat hier nu gaat gebeuren, nog steeds met betrokkenheid van het IMF, maar er komt een Europees loket. Daar was de VVD eerst tegen, maar nu wordt daar zomaar mee ingestemd. Wat is er gebeurd?

De heer Ten Broeke (VVD):

De heer Van Bommel verdraait de woorden van de heer Weekers en hij weet dat heel goed. Ik was toevallig ook aanwezig bij dat debat. Wij hebben destijds aangegeven dat wij een puur Europees fonds, dus een brandweer die van Europese kunne was, maar die nog nooit één brand had geblust, dat karweitje niet toevertrouwden. Daarom hebben wij heel veel eisen gesteld om ervoor te zorgen dat het IMF erbij kwam en dat er een ECB-advies zou komen. Dat waren allemaal conditionaliteiten die ik zo meteen ook weer aanbreng. Ook nu zijn die voor ons maatgevend voor hoe wij Van Rompuy II in december zullen beoordelen. Wij hebben niet gepropageerd tegen een reddingsfonds. Wij waren tegen datgene waarvan eerst sprake was, namelijk een reddingsfonds zonder het IMF. Zelfs de Duitse bondskanselier en het Duitse Finanzamt waren daartegen. Het was het Nederlandse parlement dat de Duitsers uiteindelijk weer op dat spoor moest brengen. Wij zijn daar blij om. Dat was niet in de laatste plaats te danken aan een aantal partijen in deze Kamer. Die bleven op dat vlak wakker en alert.

De heer Van Bommel (SP):

Ik verdraai helemaal niets. Ik citeer. Wat ik zojuist voorlas, staat letterlijk in de Handelingen van 18 maart 2010. Het ging om het IMF als loket en niet om een Europees loket. Nu komt er echter toch een Europees loket.

De heer Ten Broeke (VVD):

Nee, nee.

De heer Van Bommel (SP):

Of bestrijdt de heer Ten Broeke dat er een Europees loket komt? Dan moeten wij nog een keer praten over de conclusies van deze Europese Raad. Dan verschillen wij over de lezing daarvan.

De heer Ten Broeke (VVD):

Dan moet de heer Van Bommel de Handelingen maar eens even heel goed lezen. Wij hebben namelijk gezegd: een Europees loket zonder de bijdrage, zonder de beoordeling van het IMF is voor ons onacceptabel. De heer Van Bommel weet heel goed dat dat was wat in januari aan de orde was. Dat zagen wij totaal niet zitten. Wij zien het vandaag nog steeds niet zitten. Het zal ook een van de voorwaarden blijven als we de nieuwe plannen, waarvan nog onduidelijk is hoe die eruit komen te zien, moeten beoordelen. Ik heb in het verslag gelezen dat de premier die houding zelf ook had, sterker nog, dat hij die opmerking kennelijk heeft gemaakt. Ik wil weten wat daar de strekking van is.

De heer Van Bommel (SP):

Het gaat erom wat er uiteindelijk komt. We zien nu de contouren. We zullen deze discussie besluiten op het moment, waarschijnlijk in december, dat bekend wordt of een wijziging van het verdrag nodig is en of er een Europese faciliteit komt. Daar heeft het nu wel alle trekken van.

De heer Ten Broeke (VVD):

Dat was niet echt een vraag, maar meer een beoordeling van de heer Van Bommel. Wij maken onze eigen beoordeling. Het is goed dat de Kamer er buitengewoon alert op blijft. Dat heeft zij in het verleden ook met succes gedaan.

Voorzitter. Kan de premier uitleggen hoe de deal in elkaar steekt die uiteindelijk tussen mevrouw Merkel en de heer Sarkozy is gesloten om financiële instellingen -- ik denk dan met name aan banken en pensioenfondsen; de crediteuren dus -- mee te laten betalen aan de kredietverlening aan risicovolle landen? De premier zegt dat hij daar een voorstander van is. Ik wil graag weten hoe dat werkt. Bestaat niet het risico dat de belastingbetaler het crisisresolutiemechanisme, het permanente reddingsvlot gaat betalen en vervolgens als rekeninghouder nog een keer wordt aangeslagen? De bedoeling is toch juist dat een permanent mechanisme voorkomt dat fail states telkens opnieuw met hun pet bij de belastingbetaler of bij lidstaten langs moeten gaan? De bedoeling is toch ook dat er op een verantwoordelijke manier meer liquiditeit wordt gecreëerd tussen landen en crediteuren? Is dat nu ook zo? Ik zeg dat ook omdat de heer Trichet buitengewoon kritische noten heeft gekraakt en hij is toch wel een van de eerste beoordelaars van de liquiditeit in de markt.

Is het niet verstandiger om in plaats van lidstaten hun stemrecht te ontnemen -- een mogelijke verdragswijziging waarvan ik nog moet zien dat die er komt -- gewoon af te spreken dat we het lijntje waarmee lidstaten aan het reddingsvlot drijven, kunnen doorsnijden als dat nodig mocht blijken? Of wordt het drijvend vermogen van het vlot dan weer verzwaard? Dan moet de premier namelijk weer terug naar de lidstaten. Dat willen we dan wel weten.

Wat is eigenlijk de rol van de Europese Centrale Bank? Voorkomt dit permanente fonds dat de doodzonde van het opkopen van staatsobligaties nogmaals moet worden begaan? Nogmaals, hoe moeten we in dit verband de uitlating van de heer Trichet verstaan, die sprak van een "Greek-style bail-out mechanism"?

De heer Groot (PvdA):

Begrijp ik goed dat de heer Ten Broeke vindt dat de banken niet hoeven mee te betalen aan een schuldherziening?

De heer Ten Broeke (VVD):

Ik kan mij voorstellen dat je het risico wilt beperken door een deel ervan te leggen bij de crediteuren die in niet geringe mate zelf hebben meegewerkt aan de krediettoevloed naar landen die dat vanwege de lage rente aantrekkelijk vonden, maar die niet de productiviteitsgroei konden laten zien om het geld uiteindelijk ook weer op te hoesten. Maar ik maak die redenering nu. Ik hoor graag van de regering wat de overweging is geweest. Tegelijkertijd zie ik het gevaar van de stapeling die nu plaatsvindt in de financiële sector van lasten voor diezelfde banken. Ik geloof dat ons beider fracties daar in het verleden veel aandacht voor hebben gevraagd. We zitten hier dus echt met twee potentiële kwaden. Ik wil weten wat de afweging van de regering was. Zij heeft daar namelijk een helder oordeel over. Ik zie de beantwoording dus graag tegemoet.

De heer Groot (PvdA):

Maar het principe dat ook banken moeten bloeden voor de lichtzinnigheid waarmee ze kredieten hebben verleend aan die landen, deelt de heer Ten Broeke?

De heer Ten Broeke (VVD):

Ik vind het te lichtzinnig om te zeggen dat het banken zonder meer te verwijten valt. Ik spreek liever over crediteuren. Het gaat namelijk niet alleen om banken, maar bijvoorbeeld ook om grote pensioeninstellingen. Laat ik het als volgt zeggen. Kun je het de markt kwalijk nemen dat die gebruikmaakt van de mogelijkheden die er zijn? Dat is toch een van de redenen waarom we nu ook in de financiële sector bezig zijn om voor heel oude fatsoensnormen nieuwe regels te maken? We doen dat ook voor het eigen vermogen van banken. Ik hoor dus graag wat de overweging is geweest om te zeggen dat banken moeten meebetalen -- zo lees ik het maar even -- aan het oplossen van het schuldenprobleem.

De heer Groot (PvdA):

Ik vind het toch heel merkwaardig dat banken met zachtere handschoenen lijken te worden aangepakt dan andere partijen in de markt.

De heer Ten Broeke (VVD):

Nee, ik bekijk eerst even waar onze handschoenen echt voor zijn bedoeld. Dat gaat niet direct richting banken. Het gaat er in de eerste plaats om, een systeem te ontwerpen waarbij lidstaten worden aangeslagen. Voor Nederland geldt dat voor bijna 5% van zo'n fonds. Wat is de rol van de instituties die we daarvoor hebben ingesteld, zoals de ECB? Ik kijk ook naar de rol van de Europese Commissie als het gaat om haar advies. De heer Groot heeft het zelf gehad over de sanctiemechanismen, over het automatisch opleggen van de sancties. Nogmaals, wij zien liever een zo mechanisch mogelijk systeem, want dat verkleint de politieke invloed en het verkleint dus ook de mogelijkheid dat grote landen aan de haal gaan met een beoordeling. We hebben in 2003 met Frankrijk en Duitsland gezien waar dat toe leidt.

De voorzitter:

Mijnheer Ten Broeke, u hebt nog veertien seconden.

De heer Ten Broeke (VVD):

Dan zal ik afronden, voorzitter.

De VVD-fractie heeft een hoop vragen en kritische kanttekeningen bij een mogelijke verdragswijziging. We wijzen haar niet op voorhand af, maar onze instemming zal de minister-president moeten winnen. Het is belangrijk om daarbij de Duitsers stevig in de gaten te houden. Hun problemen zijn vaak ook onze problemen, maar hun oplossingen zijn dat niet per se. De premier doet er daarom goed aan om zich zo snel mogelijk in Berlijn te laten zien.

 
Alle artikelen
  • Defensie
  • Buitenlandse Zaken
  • Oost-Nederland
  • Algemeen
  • debatten
  • moties
  • vragen