han ten broekevvd tweede kamerlid



  • home
  • nieuwsoverzicht
  • debat gemist
  • zoeken
  • contact




RAZEB, Iran en bijeenkomst EU-ministers van Defensie

21-04-2010 | Tweede Kamer, Algemeen Overleg
Tweede Kamer - Debatten             

Inbreng Han ten Broeke tijdens het Algemeen Overleg van de vaste commissies voor Buitenlandse Zaken, Europese Zaken en Defensie met minister Verhagen van Buitenlandse Zaken over de RAZEB.

De heer Ten Broeke (VVD): Voorzitter. Het is op zich een interessant precedent dat wij hier zien, en zeker iets wat we ook voor de komende maanden goed in de gaten moeten houden. Ik heb al eerder deze week gezegd dat het aardig was om hier met de opperprimaat van de apenrots te mogen spreken, die alle drie de petten op had. Het blijkt dat de macht van de minister van Buitenlandse Zaken, voor Ontwikkelingssamenwerking en voor Europese Zaken zich nu ook uitstrekt over het plein. Dat zijn toch zaken waar we met interesse naar kijken.

Laten wij eens zien of wij dan ook met deze minister zaken kunnen doen. Ik sluit me eigenlijk geheel en volledig aan bij de oproep van de heer Knops om serieus te gaan nadenken over zelfstandige teams aan boord van de marineschepen die wij ter beveiliging van de koopvaardijvloot hebben ingezet. Dat zijn dus ook de Nederlandse koopvaardijschepen die in de Golf van Aden proberen hun weg te vinden. Zoals bekend pleit de VVD al heel lang voor die zelfstandige teams. Eigenlijk heeft Nederland daarin tot nu toe een buitengewoon terughoudende houding aangenomen. Dat zie je ook weer in deze geannoteerde agenda terug. Nederland zegt ten aanzien van veel onderwerpen dat het goed is dat er gestudeerd wordt, maar het zegt tegelijkertijd dat dit niet moet leiden tot onnodige extra bestuurslagen. Ik zou zeggen: als de rest van Europa er behoefte aan heeft om wat meer door te pakken als het gaat om de inzet op die schepen, wat is dan eigenlijk nog de Nederlandse argumentatie om dat tegen te houden? Wij hebben al eerder aangegeven dat wij zagen dat andere landen daar toch wat anders mee omgingen. Ik roep bijvoorbeeld Spanje in herinnering.

Ik kom te spreken over het onderzoek dat wordt aangekondigd naar het programma tegen CBRN-dreigingen. CBRN staat voor chemisch, biologisch, radiologisch en nucleair. Wij vinden dat belangrijk. Wij vragen ons alleen af hoe dat zich verhoudt tot de studie inzake de cluster defensie en innovatie die wij hebben gevraagd van het ministerie van Defensie. Wij zouden de resultaten daarvan het liefst nog voor het zomerreces ontvangen. Dat is nu eigenlijk het verkiezingsreces geworden. De minister herinnert zich wellicht dat de Kamerleden die nu aan deze kant van de tafel zitten, gemeenschappelijk hebben opgetrokken om op de een of andere manier ervoor te zorgen dat de positie van TNO niet nog verder in het gedrang zou komen. De 25%-bezuiniging die deze regering zich heeft voorgenomen, moet echt nog even wachten op een integrale afweging naar aanleiding van de vraag hoe de innovatie in de defensie-industrie vorm kan krijgen en hoe kennisinstellingen zoals TNO daar een bijdrage aan kunnen leveren. Ik zie hier nu dat wij wel weer gaan studeren in Europees verband. Hoe verhoudt zich dat dan tot de bezuinigingen die wij hier hebben aangekondigd op een organisatie als TNO? Het gaat om buitengewoon belangrijk onderzoek. Ik noemde al het chemisch, biologisch, radiologisch en nucleair onderzoek. Het gaat over onbemande luchtsystemen, het gaat over counter-IED demonstrators. Dat zijn allemaal zaken die buitengewoon cruciaal zijn. Mijn vraag is wel of het dan zoveel effectiever wordt op het moment dat dat in Europees verband gebeurt.

Ik maak ten slotte nog een opmerking over de maritieme security. Ook daarvoor gaan we studeren en samenwerken. Maar ja, dat zeggen we al zo lang! Wat is daar nu werkelijk van terecht gekomen? Ook hier pleit de VVD al jaren voor bijvoorbeeld een forsere inzet ten aanzien van Frontex. Ik weet wel dat men dat hier niet direct op het oog heeft, maar het zou wel moeten. Als je een integrale veiligheidsbenadering voor de buitengrenzen wilt, en dat geldt dus ook voor de zuidelijke maritieme grenzen van Europa, dan zit daar niet alleen een defensieaspect maar ook een vreemdelingenaspect en een asielmigratiecomponent aan vast. Dat kan alleen als wij daar echt meters gaan maken. Tot nu toe moeten wij tot onze spijt constateren dat wij in Nederland al vijf jaar praten over een fregat en dat wij het voorlopig alleen nog maar doen met twee officieren in een rubberboot in Griekenland. Dat is echt te weinig. Dat alleen maar praten is dus ook gebeurd onder een vorige regering, waarvan de VVD deel uitmaakte. Dat erken ik direct.

Het volledige verslag is hier te downloaden.

 

 

 
Alle artikelen
  • Defensie
  • Buitenlandse Zaken
  • Oost-Nederland
  • Algemeen
  • debatten
  • moties
  • vragen